NAAR PAGINA: 1 2

12 Vragen voor Edward D.Hoch

Gedurende de tijd die we reeds op het net doorbrachten had ik verscheidene emailcontacten de wereld rond. Ik heb steeds kunnen ondervinden dat deze contacten uitermate positief waren, eigenlijk net het tegenovergestelde als altijd beweerd wordt over het www.    Voor mijn  contacten met de meeste inwoners van de V.S. het wel vreemd moet hebben geklonken een website rond 'Ellery Queen' (the American Detective Story) gemaakt door een Belgische fan. Maigret zou de meer voor de handliggende keuze zijn geweest of zelfs Poirot. Meestal kan ik de vooringenomenheid wel verstaan maar niks daarvan toen ik een korte email ontvang van Edward Hoch. In deze mail corrigeerde hij zijn vermelde geboortedatum en stelde gewoon dat hij van de site had genoten. Ik verzamelde al mijn moed en vroeg hem of ik een aantal vragen voor hem kon voorbereiden. Waarop dat een prompt 'no problem' volgde. Ed heeft zelf een indrukwekkend oeuvre bijééngeschreven die opzichzelf mag worden geprezen, attentie verdiend of een website... gezien het onderwerp van deze site spitste ik de vragen toe op zijn samenwerking met de leden van de Queen partnership....

Crippen & Landru publiceren hoogwaardige detective verhalen. Laat het duidelijk wezen dat ik op geen enkele manier met hen ben verbonden en ben dan ook volledig vrij om hen van harte aan te bevelen. Je kan alleen maar bewondering hebben voor de hoge kwaliteit van de boekbinding, design en ook verhalenkeuze die ze aanbieden. Het is dan ook geen verrassing om ook Edward Hoch's werk tussen hun huidige boeken in druk terug te vinden - klik hier

V: Het is opvallend te zien dat vele detective schrijvers met een meer dan normale interesse het werk van hun collega's volgen of bestuderen. We denken hierbij onmiddellijk aan Frederic Dannay met zowel zijn immense collectie Detective Fiction als zijn daaraan gekoppelde kennis. Hij is lang niet de enige auteur die meer dan een gewone belangstelling koesterde voor de verhalen die anderen produceerden. Voorbeelden van zijn bewondering voor anderen zijn zelfs terug te vinden in het ganse Queen-canon en getuigen hiervan. Het is bijna gewoon te noemen om deze opgedane kennis ook aan het werk te zetten: dikwijls zien we hen dan ook de rol samensteller van bloemlezingen aannemen. En omgekeerd net zoals zovele acteurs ook willen regiseren proberen sommige samenstellers verhalen te schrijven. Hoe belangrijk is het voor een detective schrijver op up-to-date te blijven met wat medeschrijvers produceren? Is deze kennis echt noodzakelijk? Werkt ze altijd in het voordeel of eerder remmend?

A:  Ik denk dat het vrij essentieel is voor schrijvers binnen een bepaalde
     genre om bewust te zijn van wat aan hen vooraf ging. Ik moet, jammer
     genoeg toegeven dat een verrassend hoog aantal van de nieuwere
     lichting detective schrijvers die kennis missen.

V:  Jon L.Breen schreef een uitstekend artikel voor ‘Tragedy of Errors’ waarin hij stelt dat: “De multigefaceteerde Queen werd meer gezien als merknaam dan als auteur” Ikzelf vind dat hun fenomenale bijdrage er precies in bestond het detective verhaal 'levend en wel' te houden in de verschillende soorten media zonder hun eigen specifieke keurmerk te verliezen. Daaraan meteen toevoegend dat het toch de detective verhalen waren die mij aan het Queen-imperium deden verslingerd raken. Overwogen ze, volgens jou, nooit om de  ‘franchise’ an iemand anders over te laten? Dan wel op zo'n manier dat iemand echt verder bekommerd was om het verderzetten van de Ellery Queen verhalen? Zou dit een goede keuze geweest zijn?

A:  In de jaren volgend op Manny Lee's overlijden, benaderde Fred Dannay
     mij tweemaal met het idee om de serie verder te zetten, hij beloofde
     telkens het ontwerp van 'Tragedy of Errors' te zullen opsturen
     maar deed het uiteindelijk nooit. Persoonlijk denk ik dat hij zichzelf er
     niet kon toe brengen een nieuwe partner te nemen. Na Fred's
     overlijden contacteerden zijn zonen een aantal schrijvers met het idee
     om het boek af te werken maar uiteindelijk werd nooit een
     overéénkomst bereikt. Dit is de reden waarom de schets uiteindelijk
     werd uitgegeven zoals Fred ze schreef.

V: Verschillende van de Grote Detectives hebben verhalen waarin ze
    komen te overlijden. Sherlock Holmes, Poirot, Inspector Morse en
    (zelfs) Barnaby Ross, … Zou er een specifieke reden zijn waarom Ellery
    Queen geen zo'n verhaal kreeg? Is er nog een ultieme pastiche
    overgebleven, een ‘dood door deductie’ ?

A: Sherlock Holmes en Drury Lane stierven omdat hun auteurs tijd wilden
    vrij maken voor (voor hen) meer productieve verhalen. Doyle wilde zich
    volledig op historische verhalen toeleggen en Queen op de beter
    verkopende EQ verhalen. Christie bewaarde Poirot's dood tot het eind,
    tot na ze ophield met schrijven, en zo zal het maar net met Morse het
    geval zijn geweest. Vele schrijven mogen dan wel een figuur 'op
    pensioen sturen'  (zoals Ed McBain deed met Matthew Hope) maar ze
    houden hem/haar wel achter de hand mochten ze ooit van nut zijn.
Ik
    denk niet dat er iemand zit te wachten op een boek waarin EQ sterft
    de auteurs deden het trouwens al eens voor met Drury Lane.

V:  Fred Dannay had een beetje van een legendarische reputatie als een strenge uitgever, zoals Janet Hutchings aangaf “ ... worden de uitgevers wijzigingen niet altijd als suggesties gezien’.
Jij had hier duidelijk geen problemen mee en zag ze daadwerkelijk als suggesties. Het komt me voor dat het vrij gekend was dat welke naam je een verhaal ook meegaf, als je het EQMM toestuurde dan zou Fred er wel een betere naam voor vinden. Ik heb me vaak afgevraagd wat er zou gebeuren als men niet met die wijzigingen akkoord ging. (We laten de beschrijvingen van de aparte werkwijze die Lee/Dannay hadden even buiten beschouwing) Diverse auteurs vermelden de verbeteringen die aan hun werk werden aangebracht en verwijzen naar gesprekken (telefoon, brieven of in hoogst eigen persoon) die ze met Fred hadden. Er wordt nooit echt duidelijk gesteld hoe de uiteindelijke knoop werd doorgehakt. Was het altijd éénrichtingsverkeer?

A:  Overwegend was dit wel zo. Ik gaf af en toe wel mijn eigen opinie, maar als Fred echt op een verandering aandrong bood ik weinig weerwerk. Ik twijfel er aan of andere auteurs dit wel deden. Eén van mijn meeste herdrukte verhalen, "The Leopold Locked Room"  droeg oorspronkelijk de titel "The Vengeance Room." Ik denk nog steeds dat dit een goede titel zou zijn, maar Fred bracht doorslaande argumenten aan om meer het verband te benadrukken met de andere verhalen in de Leopold serie, zodat ik uiteindelijk toch toegaf.

 

V:  Het lijkt me nog steeds vreemd te horen dat beide partners geplaagd werden door een gebrek aan zelfvertrouwen. Meerdere voorvallen zijn beschreven waarin zowel Dannay als Lee hun rol als schrijver (of iets anders) te laag inschatten. Ze moeten toch zeker beseft hebben wat ze hebben verwezelijkt? Bvb.Manfred’s rol in de 'vergelijking' wordt vaak onderschat, zijn aandeel in de ‘franchise’ is zeker net zo belangrijk te noemen? 

A:  Ik denk dat het gebrek aan zelfvertrouwen het grootst was bij Manny Lee. Hij wilde eigenlijk meer ernstige fictie schrijven. Maar eigenlijk had hij een groot aandeel in de serie boeken, waaronder (denk ik)een laatste verrassing voor Fred. (Waarschuwing: Oplossing wordt onthuld.) In hun laatste boek, "A Fine and Private Place," deed EQ nog beter dan in "The French Powder Mystery" waar de naam van de moordenaar de laatste twee woorden van het boek vormden, door de naam van de moordenaar maar twee keer in het ganse boek te laten voorkomen en wel als de eerste en de laatste woorden. De moordenaar verschijnt in verschillende scenes maar wordt steeds op een andere manier omschreven. Manny stierf enkele weken voor het boek werd uitgegeven, en wanneer ik Fred er op wees hoe slim hiermee was omgesprongen kwam het mij voor dat hij er niet van op de hoogte was. Ik geloof echt dat deze gimmick, uniek in de detective fictie, Manny's laatste verrassing was voor Fred. 

V: Ik blijf het ook vreemd vinden dat het gebruik maken van gastschrijvers
    controversiëel blijft. Jack Vance, bvb., beweert omomwonden dat zijn
    proza werd gestolen. Jij aanvaardde de taak om ‘The Blue Movies
    Murders' te schrijven. In die periode was het vrij goed geweten dat die
    romans werden geschreven door anderen. Bestond er inderdaad ook
    een overeenkomst met Lee/Dannay met betrekking tot het
    ondertekenen van het boek of zelfs het toegeven van het
    auteurschap?

A: De overeenkomst was niet met Dannay/Lee maar met Scott Meredith,
    toenertijd hun literair agent. De bedoeling was dat ik inderdaad niet
    onthulde het te hebben geschreven,maar na een aantal jaar verscheen
    steeds meer informatie o.a. in fanpublicaties en in Hubin's "Crime
    Fiction," en voelde ik me niet langer verplicht hier het stilzwijgen te
    bewaren. Fred maakte in ieder geval nooit bezwaar dat de identiteit
    van de schrijvers werd bekend gemaakt.

Fred Dannay, de Japanese detective schrijfster Shizuko Natsuki en Edward D.Hoch tijdens het 3de Crime Writers International Congres in Stockholm, Zweden, in juni 1981. Foto met toestemming van Edward D.Hoch

V:  Dannay/Lee schreven ‘The Finishing Stroke’ toen men dacht dat hun speurder niet meer opgewassen zou zijn tegen de steeds vooruitschreidende technologie, waarbij in de hedendaagse criminologie de traditionele detective niet langer een noodzaak was. Het zou steeds moeilijker worden om verhalen te verzinnen waarbij Ellery's denkproces zou nodig zijn. Zit er nog steeds waarheid in die overtuiging?  Waarom dan niet bvb. een soort 'historische' detective creëren die zich voortbeweegt in de jaren 40 of 50?

A: Vandaag de dag worden meer historische detectives gepubliceerd dan bijvoorbeeld in de voorbij decenia, en ik denk dat dit ook deels de verklaring is. Sue Grafton heeft haar Kinsey Millhone serie in de mid-tachtiger jaren 'bevroren', en ik denk dat indien EQ ooit nieuw leven werd ingeblazen hij het best zou renderen in de 1930-70 periode zoals in de originale verhalen.

V:  Heeft Lee zijn schrijversblok na the Player on the Other Side/Fourth Side of the Triangle/And on the Eighth Day ooit overwonnen? 

A:  Blijkbaar nam Lee terug zijn aandeel in de samenwerking op met "Face to Face," maar kreeg opnieuw problemen zodat hij "The House of Brass" onmogelijk kon afwerken. Het boek werd geschreven door Avram Davidson vertrekkende van Fred's basisnotities, net als "And on the Eighth Day" en "The Fourth Side of the Triangle." (Voor 'The  Player on the Other Side" deed Theodore Sturgeon hetzelfde vertrekkende van Fred's plannen.) Net voor "Face to Face," werlte Lee samen met Dannay aan de omkaderende secties voor "A Study in Terror"  die werden toegevoegd aan Paul W. Fairman's novelle gebaseerd op de gelijknamige film. Het is mij nog steeds niet duidelijk wie de EQ kortverhalen produceerde gedurende de vroege jaren 60, maar ik vermoed dat Fred Dannay waarschijnlijk "Abraham Lincoln's Clue" alleen schreef of met weinig hulp van Lee.

V: Fred was een werkelijk briljant 'plotter'. Hij maakte soms gebruik van
    ‘Hitchockiaanse’ verschijningen in zijn boeken bvb.in 'On the Eighth Day'
    waar hij zijn verjaardag in verborg. Het lijkt me meer iets wat
    broodschrijvers zouden doen als een soort knipoog naar de ware
    oorsprong van de verhalen. Heb je zelf dergelijke zaken in overweging
    genomen bvb. voor ‘The Blue Movies Murders’…? 

A:  Neen, ik deed dit nooit in dat specifieke boek. Maar van tijd tot tijd stak ik wel iets in andere verhalen. Zo heb ik twee verhalen in de binnenkort verschijnende bloemlezing "Murder Most Catholic." Het Hoch verhaal draagt de titel "The Arrow of Ice," en het andere verhaal geschreven onder het pseudoniel "Stephen Dentinger," heet "Cemetery of the Innocents." Hierin laat ik een persoon opmerken dat het slachtoffer kon gedood zijn door een pijl uit ijs, die daarop smolt,een verwijzing naar het Hoch-verhaal in hetzelfde boek.

V: Spraken ze ooit over de oorsprong van hun figuren? (Djuna, Paula Paris, Nikki Porter,…)?

A:  Neen. Ik denk dat Nikki Porter haar oorsprong vond in de EQ luisterspelen, om de éénvoudige reden omdat ze een vrouwelijk stem naast die van Ellery en zijn vader wilden. Daarna probeerden ze op velerlei manieren om ze in de verhalen in te werken. Paula Paris was bedoelt als romantische interesse in "The Four of Hearts" en de vier sportmysteries. Ik denk dat ze het uiteindelijk moest afleggen tegen de meer genietbare Nikki Porter.

V:  Je schreef het laatste EQ verhaal -- een kort kerstverhaal in 'the Tragedy of Errors' . Gezien oorspronkelijk Dannay werd gevraagd het te schreven en dit niet deed, kan men zich afvragen of Dannay gewoon weg net zo 'onvermogend' was om gewone verhalend te schrijven als Lee scheen te zijn in het bedenken van verhaallijnen. Dit lijkt moeilijk voor te stellen gezien de toch wel zeer gedetailleerde basisschets van Tragedy of Errors die eigenlijk 'weinig' nodig had om ze tot echt verhaal te verheffen. Hoe sta je hiertegenover?

A:  Het was Fred's agent, Scott Meredith, die me contacteerde voor het schrijven van het kerstverhaal, aanvankelijk misschien zelfs buiten Fred's weten om. (Men maakt vaakt gebruik van broodschrijvers om deze zaken af te werken). Ik beschouwde het als een eer dat Fred mij verkoos boven één van de door Meredith's gekozen gastschrijvers. Als mijn vermoedens kloppen en Dannay inderdaad één of meerdere kortverhalen alleen schreef dan lijkt het mij evident te stellen dat in 1975, vier jaar na Manny's dood, hij de taak gewoonweg niet alleen wilde aannemen. 

V:  Vele atleten bereiken vaak een stadium waarin ze voelen plots niet meer 'mee' kunnen. Ze vinden te weinig de voldoening die zo ooit in hun sport vonden en verlaten het volledig.
Bestaat er zo iets voor schrijvers? Kunt u zich een leven zonder schrijven voorstellen?

A:  Neen, en dat kunnen weinig schrijvers. Occasioneel zul je er wel één hebben die zijn 'pensioenering' aankondigt maar komen daar dan binnen de kortste keren op terug.


(Interview via email Copyright © April 25.2002 -  Edward D.Hoch - Kurt Sercu)

 


januari 2008

Op het forum van EQMM kwam het bericht dat Ed Hoch is overleden.
Ed's bereidheid en hulp in 2002 om een "enterview"
met hem te publiceren behoort nog steeds tot één van de hoogtepunten van deze site. Het was dan ook een privilege hem te mogen ontmoeten tijdens de 'Centenary'. Eén van de laatste medewerkers met de originele "Ellery Queen"! Een fantastisch schrijver en een zeer milde man om mee te spreken. Zijn volledige opus en record van opéénvolgende publicaties in EQMM zal dit bevestigen.

Edward Hoch op het 2005 Centenary in NY
Edward D. Hoch (1930-2008)

 

NAAR PAGINA: 1 2


 
Inleiding | Plattegrond | Q.B.I. | Liist Verdachten | Wie?  | Q.E.D. | Moord en scene | Nieuw | Auteursrecht
Copyright
© MCMXCIX-MMVIII   Ellery Queen, een website rond deductie. Alle rechten voorbehouden.